In Memoriam Adrienne Rich: Dichter en Denker (1929-2012)

Eerder gepubliceerd op 30-3-2012 op de blogsite van Aletta door Ineke van Mourik (bibliothecaris).

images-2

Op 27 maart jongstleden overleed Adrienne Rich, een gedreven en gepassioneerde dichter en denker. Zij opende mij, en veel van mijn mede-feministen van de tweede golf, de ogen en het hart met haar belangrijke inzichten en wonderschone poëzie.

Uit de gedichtenbundel Een en twintig liefdesgedichten, van Adrienne Rich, vertaald door Maaike Meijer, uitgeverij Vrouw Holle in 1980.

XII

Slapen, draaien in een baan zoals planeten
wentelend in hun nachtelijke weide:
aanraken is genoeg om te weten
dat wij zelfs slapend niet alleen zijn in het universum:
bijna spreken de droombeelden van twee werelden
dwalend door hun schimmensteden elkaar toe.
Ik ben wakker geworden van jouw zacht gepraat
lichtjaren of donkerjaren hiervandaan
alsof mijn eigen stem gesproken had.
Maar onze stem verschilt, zelfs in de slaap
en ons lichaam, zo hetzelfde, is zo toch anders
en het verleden dat echoot door ons bloed
is geladen met een andere taal en andere betekenissen –
Toch kan geschreven worden in elke kroniek
van de wereld die wij delen, als voor de eerste keer:
wij waren twee minnaressen
wij waren twee vrouwen van een generatie.

 

Scan

Anna Bijns prijsuitreiking 2012

Eerder gepubliceerd op 25-11-2012 op de blogsite van Aletta door Ineke van Mourik (bibliothecaris).

images

O, die Anna Bijns, dat was me er een. Geen vrome middeleeuwse dichteres maar een vrouw die met een vlammende pen hartstochtelijke liefdesgedichten schreef en die zich al even hartstochtelijk in dichtvorm scheldend en spottend keerde tegen de lutheranen. Zij zelf was een vurige katholiek. De al even vurige professor Herman Pley springt bijna van het podium van enthousiasme als hij in 13 minuten probeert een beeld te schetsen van deze dichteres over wie hij ook een heel boek schreef.

images-1

Minke Douwesz
Het is donderdagavond en we zitten in de Rode Hoed bij de uitreiking van de Anna Bijnsprijs 2012 die dit jaar gaat naar Minke Douwesz en haar roman ‘Weg’. Wat gebeurt er als een relatie (in dit boek tussen twee vrouwen) ten einde loopt. Terwijl de een de ander sommeert om weg te gaan, besluit die ander te blijven. Er wordt ons door twee actrices een blik gegund in deze nachtmerrie als onderdeel van het feestprogramma. Het is altijd wonderlijk te merken dat van een afstand het opvoeren van drama en ellende, vooral psychologische, ons buitengewoon goed kan doen. Zo herinner ik mij dat ik in de stukken van Strindberg vaak bijna de slappe lach kreeg en dat ik bij Ischa Meijer die ook meesterlijk dialogen tussen man en vrouw kon beschrijven, de pijnlijkheid ervan alleen maar met een lach kon bezweren. Maar vroeg of laat belanden we allemaal wel eens in zo’n situatie en dan vergaat ons het lachen en kunnen we in onze uiterste wanhoop bij een psycholoog of psychiater belanden. En stel dat dat bij toeval Minke Douwesz zou zijn die onder een andere naam als psychiater en psychoanalytisch psychotherapeut werkt. Ik zou altijd bang zijn dat mijn zieleroerselen vroeg of laat vermomd in een van haar boeken zouden belanden. Want schrijvers zijn dieven. Alleen met dit verschil dat zij het gestolene bewerken en teruggeven. En als dat mooi en interessant is dan prijzen wij de dief.

pastedGraphic.png

Rachel Cusk
Voor de eerste keer gaat de uitreiking van de Anna Bijnsprijs gepaard met een lezing. Dit jaar werd die gegeven door Rachel Cusk. Ik citeer nu van de Anna Bijns website: ‘Door het tijdschrift Granta werd zij verkozen tot een van de twintig beste jonge Britse auteurs van dit moment. Zij stelt in haar oeuvre taboes rondom vrouw-zijn en man-vrouwverhoudingen op een intelligente, provocerende en genadeloze manier aan de orde. In haar lezing daagt zij vrouwelijke auteurs uit om uit hun comfortzone te stappen en, waar nodig, hun vrouwelijke verworvenheden te laten vallen ten behoeve van een literatuur die ertoe doet.’
Op die lezing zat ik mij enorm te verheugen maar al na een minuut bleek dat dit geen lezing was, maar een nogal complex essay dat werd voorgelezen terwijl tegelijkertijd de hele tekst op een groot scherm werd geprojecteerd. Ik probeerde af en toe nog naar de spreekster te kijken maar omdat ik bang was dat mij dan het verhaal zou ontgaan, zogen mijn ogen zich vast aan de tekst. Na afloop moest ik constateren dat ik er niets van had begrepen, een gevoel dat ik in het verleden ook al eens had gehad als academici schreven of spraken in een voor mij onbegrijpelijk literatuurwetenschappelijk jargon. Na afloop werd gemeld dat de tekst verkort en vertaald nog in het NRC zal verschijnen en in zijn geheel op de website van de Anna Bijnsprijs. Misschien is het een geniaal essay, in ieder geval was het geen geniale lezing. Het publiek bleef wat glazig kijkend achter en we begaven ons opgelucht naar de koffie.

Prijs de dief
Na de pauze kwam de prijsuitreiking en sprak Minke Douwesz een dankwoord. Daarna bleef zij op het podium waar zij op droog-komische wijze de soms wat al te jolige presentatrice van repliek diende. Douwesz had zelf een programma samengesteld met twee actrices (Nienke van Spreeuwel en Marleen van der Wolde) die een scène voordroegen uit ‘Weg’, we kregen mooi pianospel van Daria van den Bercken te horen (Händel) en Wouter van Oorschot las met prachtige stem voor uit Vasalis en Tsjechov.
Zo werd het na de teleurstelling van de lezing toch een inspirerende avond. Schrijvers zijn dieven, maar iemand die in haar nawoord schrijft: ‘Het woord is god’ en het liefst deze avond een optreden van Pussy Riot had willen aanbieden, moet geprezen worden. Dus lees haar boek en prijs de dief.

De Man weer Man: wacht u voor vercrotting

Eerder gepubliceerd op 29-1-2012 op de blogsite van Aletta door Ineke van Mourik (bibliothecaris).

Vercrotting

Eens in de zoveel tijd staat er iemand op (meestal zijn het mannen maar soms is het ook een vrouw), die de alarmklok luidt over de tanende mannelijke normen en waarden. Nu hebben we Angela Crott van de Radbouduniversiteit die een pleidooi houdt voor ‘de man als beschermer’.

Wat is er mooier dan dat een vrouw dit eens durft te zeggen. Crott is zelf geëmancipeerd en gepromoveerd, maar werpt zich in de Volkskrant van 27 januari op als beschermer van de jongen en de man die de laatste decennia hun ridderlijkheid en mannelijkheid hebben verloren door de toenemende individualisering, emancipatie en medicalisering.
Ongelooflijk als je erover nadenkt dat de emancipatie dat in zo’n korte tijd zou hebben bewerkstelligd, terwijl mannen met hun waarden en normen, hun ideologieën, en hun opvattingen hoe mannen vrouwen behoren te zijn er eeuwenlang in slaagden en op vele plekken in de wereld nog steeds in slagen, om vrouwen in hun eigen keuzes te belemmeren. Hoe standvastig ben je dan?
Ongelooflijk ook want de emancipatiebeweging komt op voor de eigen rechten maar niet om die van anderen de nek om te draaien. Hebben wij ooit gezegd dat mannen geen beschermers meer mogen zijn? Hebben wij ooit zelfdiscipline, het beschermen van (de seksualiteit van) het meisje en het dienen van de gemeenschap als waardeloos bestempeld?

Erosie van mannelijke normen en waarden
‘Begin jaren zeventig nam de erosie van mannelijke normen en waarden een hoge vlucht. Elke vorm van autoritair of niet-democratisch gezag was verdacht geworden en de individualisering zette door’ , betoogt Crott. Let op de passieve bewoording. Alsof de mannelijke normen en waarden door een natuurramp zijn getroffen. Hoezo zetten de individualisering door? Had die maar echt doorgezet want dan was er wellicht wat anders gebeurd in de samenleving. Wat zo fraai individualisering wordt genoemd is eerder egocentrisme en egoïsme.
Ongelooflijk dat mannen zich zo snel in de luren hebben laten leggen door wie dan ook.
Wat is er in godsnaam aan de hand, want dat er iets aan de hand is duidelijk maar Angela Crott grijpt blindelings in een bak met zand. Alles ontglipt haar. Als we de wereldgeschiedenis bekijken zijn er waarschijnlijk meer vrouwen dan mannen die hun kinderen (jongens en meisjes) en hun gemeenschap beschermen. De ridderlijkheid van mannen gaat vaak gepaard met een geweldige schaduwkant van agressie, geweld, en misbruik van macht.

Het bijzondere van deze tijd, en dat is in de laatste decennia zo genadeloos aan het licht gekomen, is dat oude normen en waarden niet meer werken. Dat het oude idee van mannelijkheid en overigens ook het oude idee van vrouwelijkheid inderdaad aan erosie onderhevig zijn en dat is naar mijn idee een geweldige ontwikkeling. De schaduwzijde van deze ontwikkeling is verwarring en chaos. Hoe moeten we leven als de laatste strohalm (een man is een man, een vrouw een vrouw) er aan gaat. Overal zijn, als je er oog voor hebt, nieuwe ontwikkelingen gaande: o.a. in individuen, in gemeenschappen, in de wetenschap, in steden en dorpen. Iets wat in ontwikkeling is gaat met vallen en opstaan. En gaat ook gepaard met regressieve tendensen, terug willen naar af. Terug naar een wereld van schijnveiligheid die nooit heeft bestaan en waarvan alleen de ideale aspecten in een opwelling van romantiek worden belicht.

Ik zie in deze tijd zowel vrouwen als mannen levens leiden en eigenschappen ontwikkelen die decennia geleden strikt waren voorgeschreven aan een bepaalde sekse. Wat die mensen verbindt is een idee van individualiteit die niet noodzakelijkerwijs tot egoïsme leidt maar goed kan samengaan met gemeenschap. Terwijl vrouwen de laatste decennia de beschikking hebben gekregen over meer en meer mogelijkheden door een eigen strijd te voeren, zie ik niet eenzelfde energieke omvattende beweging aan het mannenfront. Hun echte strijd vergt meer dan de valse romantiek van mannelijkheid of geklaag over geëmancipeerde vrouwen, maar een eigen zoektocht. Dat vergt veel maar zeker niet de ‘bescherming’ van Angela Crott.

Ik zie meer en meer moderne ridders, vrouwen en mannen, die elkaar beschermen als dat nodig is. Want elk mens kan moed en kracht ontwikkelen om daar te zijn waar hulp nodig is.
Wacht u voor vercrotting!

O, die tuinbroek!

Eerder gepubliceerd op 6-3-2011 op de blogsite van Aletta door Ineke van Mourik (bibliothecaris)

images-4

Daar was ie weer: de tuinbroek en het bijbehorende okselhaar.
In het Parool van gisteren over het WomenInc. Festival werden we gerustgesteld in de onderkop van het artikel: Geen tuinpakken of okselhaar.

Dat u het maar weet, want stel dat dat wel zo was. Nou dan gingen we niet. Jakkes, vooral dat okselhaar. Zo actief als de vrouw in de tuinbroek was, zo gemakzuchtig zijn degenen die er snerend en kleinerend over schrijven en spreken. Vooral sinds de opkomst van de nieuwe feministen is er gelukkig weer aandacht voor het feminisme, maar blijkbaar kan dat niet zonder al die stereotypen die gedurende de Tweede Golf ook al rondwaarden eens flink op te poetsen. De tuinbroek wordt weer uit de mottenballen gehaald, het okselhaar als dierlijk en ranzig gepresenteerd en vaak wordt dit plaatje (ziet u het al voor u?) nog gecomplementeerd door anti-man en humorloos. Nu het beeld compleet is kunnen we voort.

Want ‘wij’ zijn niet zo. Maar of die ‘wij’ de door de media gecreërde nieuwe feministe is of de nieuwe feministe zelf die zo denkt, blijft enigszins in het midden.
WomenInc. biedt dit weekend een evenement met meer dan zestig veelzijdige en prachtige programma’s. Het hele jaar door presenteert WomenInc. al zes jaar lang het nieuwe feminisme. Een nieuwe generatie die voortbouwt op het werk van de feministes voor hen en die hoop ik het tuinbroekengebazel geamuseerd aanziet.

De tuinbroek is geworden tot een van de mythes van het Tweede Golf feminisme en omdat mythes bijna niet uit te bannen zijn, wordt het tijd om de tuinbroek in ere te herstellen. Het eerherstel is allang begonnen ontdekte ik tot mijn grote verbazing : wie tuinbroeken googelt treedt een ongekend rijke wereld van de tuinbroek binnen.
Er ligt nog een schone taak voor WomenInc.

 

Fragen – meer vragen!

Eerder gepubliceerd op 1-3-2011 op de blogsite van Aletta door Ineke van Mourik (bibliothecaris)

affiches

Welke teksten zijn van belang zijn geweest voor de ontwikkeling van het feministische gedachtegoed vanaf het begin van de Tweede Feministische Golf tot heden? Dit is een vraag die alleen maar meer vragen opwerpt zodra we die proberen te beantwoorden.

In het project FRAGEN (FRAmes on GENder) hebben Europese vrouwenbibliotheken en onderzoekers uit EU landen, plus Turkije en Kroatië belangrijke feministische teksten uit de periode van de Tweede Feministische Golf tot nu geselecteerd en online beschikbaar gesteld. De database bestaat uit per land 10 teksten (in de eigen taal maar wel met een samenvatting in het Engels).
Het doel is om vergelijkend wetenschappelijk onderzoek naar de geschiedenis van feministische ideeën mogelijk te maken. Aletta was coördinator van het project.

Iedereen die deel heeft uitgemaakt en nog steeds deel uitmaakt van de Tweede Feministische Golf weet dat een keuze van slechts 10 teksten een bijna onmogelijke zaak is.
Ik werkte eind jaren zeventig in vrouwenboekhandel De Feeks te Nijmegen en er waren levendige contacten met andere steden met name de Heksenkelder te Utrecht en Xantippe te Amsterdam. We lazen ons helemaal suf aan boeken in het Nederlands, Duits, Engels en Frans, groeven uit bibliotheken oud en waardevol materiaal op, maakten zelf tijdschriften, we schreven erop los en voegden aan de stroom boeken en artikelen permanent nieuwe teksten toe.

We voerden acties, voetbalden en organiseerden literaire en culturele bijeenkomsten. In de vakanties gingen we naar een vrouweneiland in Denemarken of we ondernamen een pilgrimage. Zo bezocht ik in Parijs de graven van Gertrude Stein en Alice B. Toklas en de buurt en het huis waar zij hadden gewoond; in de boekhandel Shakespeare & Company schuin tegenover de Notre Dame speurden we naar de resten van Sylvia Beach, de oprichtster, en haar vriendin Adrienne Monnier. In onze tassen zaten altijd gedichtenbundels van Adrienne Rich, Anne Sexton, Ankie Peypers en anderen om elkaar voor te lezen.

Het is prachtig dat er 10 Nederlandse teksten online staan, maar er blijft een knagend onbehagen. Maar eerst het behagen: het siert de selectiecommissie dat zij hebben gekozen voor een ongewone ‘tekst’, namelijk een beroemde foto ‘ Baas in eigen buik’. En het siert de commissie ook dat zij hun taak serieus hebben genomen. Alle gekozen teksten zijn de moeite waard.

Het onbehagen begint als we denken dat deze teksten de grootste inspiratiebron vormden. De Tweede Golf van de Nederlandse vrouwenbeweging was vanaf het begin ook sterk internationaal georiënteerd. Veel belangrijke boeken werden vertaald. En ik mis uit de jaren negentig: Beperkt houdbaar (maar dat is een film en kon blijkbaar niet worden opgenomen). Een ander onbehagen betreft de aard van de teksten. Het zijn teksten die voornamelijk de geest, het intellect aanspreken. Waar zijn de gedichten, de verhalen, de romans (uitgezonderd het autobiografische De schaamte voorbij), de activistische pamfletten, de kunst, de films, de muziek. Al die ‘teksten’ die onze zielen hebben geraakt.

Het wordt altijd wat kil als de wetenschap zich ergens op werpt. Het leven wordt er als het ware van afgeschraapt om tot hapklare brokken te komen. Maar we kunnen de database ook zien als een begin. Er moeten meer feministische teksten en andere uitingen digitaal komen. Een mooi voorbeeld daarvan is de de site: Vrouwen nu voor later.
Laat je dus inspireren en maak zelf een lijst van jouw ‘teksten’ die inspirerend zijn geweest. Zelf zal ik een dezer dagen met mijn eigen lijst komen.

http://www.vrouwennuvoorlater.nl/

Project Fragen: inlichtingen via Atria

Toevoeging van Tilly Vriend – projectmanager FRAGEN 

Ook ik maakte deel uit van de vrouwenbeweging in de jaren zeventig/tachtig. En herken wat Ineke schrijft over het diverse karakter van de beweging. We lazen wat af en vonden onze inspiratie niet alleen in Nederlandse schrijvers maar ook en in het begin vooral in buitenlandse. Simone de Beauvoir verslond ik, maar ook Marilyn French, Betty Friedan, Kate Millett, Germaine Greer. Om er maar een paar te noemen. Toen Aletta werd gevraagd het FRAGEN project te coördineren, was het ook precies die vraag die we stelden aan Mieke Verloo, de bedenker van het FRAGEN project (dat deel uitmaakt van het nog veel omvattender QUING project) ‘ Hoe kun je in godsnaam de 10 meest invloedrijke teksten per land opsporen?’ Die illusie hadden we zeker niet, wel de kans om in Europa een begin te maken met het zichtbaar en toegankelijk te maken van teksten die invloed hebben gehad op het feministisch gedachtegoed. Een van de criteria waaraan de teksten moesten voldoen, was dat het geen vertaalde teksten mochten zijn. Juist om het nationale erfgoed zichtbaar te maken. Bovendien liepen we de kans dat meerdere landen dezelfde buitenlandse teksten zouden nomineren. De ca. 300 personen die in 29 landen aan dit project hebben gewerkt, hebben dat met de beste intentie gedaan. Binnen de beperkingen van het project (klein budget en copyright restricties) hebben zij 10 teksten geselecteerd. Hun zgn. longlist (alle door de experts genomineerde teksten) staat op de website. Ook zij stellen, en in dat opzicht zijn zij het helemaal eens met Ineke: dit is het begin! En wij nodigen iedereen daarom uit haar/zijn eigen favoriete teksten te nomineren. Wij gaan kijken hoe we daarvoor op de FRAGEN website ruimte kunnen creëren.

Mannen aan de keukentafel

Eerder gepubliceerd op 28-11-2010 op blogsite van Aletta door Ineke van Mourik (bibliothecaris)

images-2

Vorige week vertelde Inge de Wilde in de serie Kitchen Table Seminars bij Aletta over de boekencollectie van C.V. Gerritsen, de echtgenoot van Aletta Jacobs.

Bij tijd en wijle schuift er in de vrouwenbeweging een uitzonderlijke man aan om de gelederen te versterken. Een van die mannen is Carel V. Gerritsen (1850-1905). Inge de Wilde schreef een mooi en informatief boek (Lotgevallen van een bibliotheek) over Gerritsen en zijn boekencollectie (18.000 boeken, 13.000 pamfletten) die voor een deel bestond uit boeken, pamfletten en tijdschriften over de vrouw en de vrouwenbeweging uit diverse landen (totaal 3500 publicaties).

Aletta (het voormalige IIAV) bestaat deze week 75 jaar en Inge de Wilde vroeg zich af of dit wellicht de eerste keer was dat er een lezing over een man werd gehouden. Dat zou best kunnen. De wereld der mannelijke feministen is helaas dun gezaaid, maar als ze er zijn dan zijn ze ook zeer bijzonder.

Carel Victor Gerritsen was vrijmetselaar, lid van de Vrijdenkersbeweging, oprichter van de landelijke Radicale Bond en later van de Vrijzinnig-Democratische Bond, medeoprichter van de Nieuw Malthusiaanse Bond (voorloper van de NVSH – Nederlandse Vereiniging voor Seksuele Hervorming), pleitbezorger voor meisjesonderwijs en het vrouwenkiesrecht en voorstander van het vrije huwelijk (LAT-relatie zouden wij nu zeggen). Gerritsen is misschien ook wel beïnvloed door een andere bijzondere man, John Stuart Mill, die in 1869 zijn beroemde boek, The Subjection of Women (tot stand gekomen met de hulp en ideeën van zijn latere vrouw en zielsverwant Harriet Taylor-Hardy), publiceerde in Engeland.

Terug naar de bibliotheek van Gerritsen waar ongetwijfeld Aletta Jacobs ook aan heeft bijgedragen maar het onderzoek van o.a. Inge de Wilde laat duidelijk zien dat de collectie zijn grote verdienste was.
“ Zijn raad was: kennen, weten, studeeren. Kennen zoveel mogelijk de positie van de vrouw uit lang vervlogen eeuwen, weten die van de vrouw in het heden onder alle rassen en alle volken; bestudeeren wat moet, wat kan worden gedaan om haar te maken tot ‘s mans gelijke. Weten, grondig weten al datgene wat andere Feministen in gelijksoortige dagen van strijd hebben gesproken, gedaan, volbracht; in één woord: zich sterken tegenover den tegenstander als zoodanig.”
Dit schreef Wilhelmina Drucker (belangrijke feministe van de eerste golf) ter gelegenheid van het overlijden van Gerritsen.

In 1902 was er nog sprake van dat de hele collectie zou worden gelegateerd aan de Universteitsbibliotheek te Amsterdam. Maar in 1903 werd deze in zijn geheel verkocht aan de John Crerar Library te Chicago voor $ 30.000. Deze bibliotheek breidde de ‘vrouwencollectie’ uit met publicaties over de Amerikaanse vrouwenbeweging. In 1951 veranderde het beleid. Het grootste feministische gedeelte van de Gerritsencollectie werd verkocht aan de University of Kansas in Lawrence.
In 1973 werd de collectie op microfiche gezet (raadpleegbaar in de KB).
Het feministische deel van de collectie, dat in 2008 digitaal is aangekocht door Aletta (samen met de Universiteit Groningen) met financiële steun van de Stichting Wilhelmina Drucker Fundatie, is dus uiteindelijk na veel omzwervingen weer in Amsterdam beland.

In de periode van 1903 tot nu is er veel meer gebeurd met de collectie dan ik hier kan beschrijven. In het boek van Inge de Wilde kun je over alle lotgevallen lezen. En er is nog werk te doen want in de digitale versie zijn titels ‘verdwenen’. Bij voorbeeld elf titels over Sorcières (heksen). En af en toe duikt er weer eens een boek op met een stempel van Gerritsen er in. Zo kocht Myriam Everard bij het voormalige Antiquariaat Lorelei te Amsterdam (gespecialiseerd in boeken van en over vrouwen) het boek ‘Kentekens en waarde van den zuiveren maagddom uit volksbegrippen, natuurkennis en zedenkunde’, uit 1793. Zij schonk dit werk aan het IIAV op 3 december 2008 bij de presentatie van de Gerritsen Collectie op het IIAV.

In 1903 is de collectie vertrokken uit Amsterdam. Meer dan 100 jaar later is de collectie weer terug in Amsterdam, en zit Gerritsen dankzij het spannende verhaal van Inge de Wilde, eindelijk met ons aan de keukentafel.

Voor ‘weten, grondig weten’ raadpleeg de catalogus/website van Aletta (nu Atria):

Over C.V. Gerritsen:

Inge de Wilde, ‘Carel Victor Gerritsen. Feminist, vrijdenker en neomalthusiaan’, in : Myriam Everard en Ulla Jansz (red.), De minotaurus onzer zeden. Multatuli als heraut van het feminisme (Amsterdam/ Aksant 2010)

Inge de Wilde, Lotgevallen van een bibliotheek. De boekencollectie van C.V. Gerritsen, echtgenoot van Aletta Jacobs.
Universiteitsbibliotheek Groningen 2009

Digitale collectie: Gerritsen Collection of Aletta H. Jacobs. Inzage: via abonnement op de bibliotheek van Atria.

Mehler, H.J. , La femme et le féminisme : collection de livres, périodiques etc. sur la condition sociale de la femme et le mouvement féministe faisant partie de la bibliothèque de M. & Mme C.V.Gerritsen (dr. A.H.Jacobs) à Amsterdam
Paris: Giard 1900

In: Jaarboek voor Vrouwengeschiedenis (1982):
Inge de Wilde: De bibliotheek van C.V. Gerritsen, de echtgenoot van Aletta Jacobs
Els Kloek en Yvonne Scherf: De vrouwenbibliotheek van de man van Aletta Jacobs. Een bibliografie van de Nederlandstalige titels.

Mineke Bosch: Een onwrikbaar geloof in rechtvaardigheid: Aletta Jacobs 1854-1929 (Uitgeverij Balans, 2005)

Over John Stuart Mill:

Naema Tahir, Mill en het feminisme. In: Dirk Verhofstadt (samensteller), John Stuart Mill 15 jaar over vrijheid
Houtenkiet/Atlas, Antwerpen/Amsterdam 2010

Mill, John Stuart, De onderwerping van de vrouw boek. Vertaling: Eva Wolff. Uitgebreide inleiding: Maaike Meijer
Meppel: Boom 1981
(In de collectie bevinden zich de oorspronkelijke Engelse versie van dit boek en vertalingen in het Frans, Italiaans, en Spaans.)

Hayek, F.A , John Stuart Mill and Harriet Taylor
London: Routledge, 1951

Jacobs, Jo Ellen Payne, Paula Harms (ed), The complete works of Harriet Taylor
Bloomington: Indiana University Press, 1998

In Memoriam Sylvia Bodnár (1946 – 2010)

Eerder gepubliceerd in mei 2010 op blogsite Aletta door Ineke van Mourik (bibliothecaris).

Sylvia 2

Slapen, draaien in een baan zoals planeten
Wentelend in hun nachtelijke weide:
Aanraken is genoeg om te weten
Dat wij zelfs slapend niet alleen zijn in het universum:

‘Dit citaat is uit het gedicht XII van de gedichtenbundel Een en twintig liefdesgedichten, van Adrienne Rich, vertaald door Maaike Meijer en uitgegeven door Sylvia Bodnár’s uitgeverij Vrouw Holle in 1980. Als er iets is wat Sylvia Bodnár, lieve vriendin en oprichtster samen met Dorelies Kraakman van de eerste Vrouwenboekhandel annex vrouwencafé in Nederland, typeert dan is het wel deze bundel. Bijzondere uitgaven van bijzonder werk van bijzondere schrijfsters (Marina Tswetajewa, Christa Reinig en Ingeborg Bachmann), daar had zij een neus voor. Altijd werd Sylvia geïnspireerd door schoonheid, liefde en de liefde voor boeken.

Ik leerde haar kennen in de jaren zeventig toen wij met de redactie van LOVER vergaderden in de Vrouwenboekhandel/-café De Heksenkelder te Utrecht. We deelden een passie voor boeken en langdurig hangen in het café en door haar werd ik mede gestimuleerd om in Nijmegen waar ik toen woonde ook een vrouwenboekhandel te beginnen. Sylvia tartte door haar verschijning en uitstraling ook elk cliché van een feministe: zij was altijd goed gekleed in strak gesneden pakken of snelle broeken met fraaie hemden. Zij had een fijn gesneden gezicht omlijst door zwarte krullen een mooie zachte stem, een zachtaardig karakter omfloerst door een zweem van weemoed. Zij stond middenin de vrouwenbeweging maar zij had ook de uitstraling van een buitenstaander.

Nadat zij zich had teruggetrokken uit de boekhandel is zij voor de radio gaan werken waar zij jarenlang literaire programma’s maakte en zeer succesvolle programma’s over spiritualiteit en New Age muziek. Haar meest recente project waaraan zij werkte was een boek over Giordano Bruno, Italiaans filosoof, vrijdenker en kosmoloog uit de 16e eeuw die in 1600 door de Inquisitie in Rome tot de brandstapel werd veroordeeld. Sylvia, kind van Hongaarse immigranten, werd gedreven door bewondering voor de levens en het werk van uitzonderlijke personen. Zijzelf was ook een uitzonderlijk mens, hoewel zij dat waarschijnlijk met zachte stem zou ontkennen.

In 2002 overleed Dorelies Kraakman en nu op 21 mei 2010 is ook veel te jong Sylvia overleden. Ik zal haar missen. We zullen haar gedenken a.s. donderdag 27 mei om 20.00 uur in slot Zuylen te Utrecht: een waardige plaats voor een waardig mens.’